WebiMed.net

Medische Informatie en Gezondheid

Geschiedenis van de thermometer

420 v.C.

Een thermometer is een toestel dat gebruikt wordt om de temperatuur te meten. De uitvinding ervan aan één persoon toekennen is niet mogelijk, omdat het hier nu eenmaal over een evolutie van ontwikkelingen gaat.

image001_20_png.jpg

In de tijd van de Griekse arts Hippocrates van Kos (460-370 v.C.) werd enkel de hand gebruikt om de hitte of de kilte van het menselijk lichaam op te sporen, hoewel koorts en rillingen als teken van dodelijke proces gekend waren. In de Alexandrijnse geneeskunde werd de pols geobserveerd als index van een ziekte.

350 v.C.

image002_17_png.jpg

De Griekse filosoof en wetenschapper Aristoteles (384-322 v.C.) oordeelde dat er vier fundamentele functies zijn: warmte, koude, droogte en vochtigheid en dat er onder invloed van die functies vier elementen werden gevormd: lucht, vuur, aarde en water.

250 v.C.

image003_22_png.jpg

De oude Grieken kenden reeds de uitzetting van lucht door hitte. De vroegste beschrijving van dit fenomeen vindt men in de werken van de Griekse ingenieur en schrijver Philo van Byzantium (280-220 v.C.). Hij bouwde een apparaat voor thermometrisch gebruik, dat hij in zijn werk 'Pneumatika' beschreef. Het bestond uit een lege loden bol, voorzien van een waterdichte stop. Eén been van een U-vormige glazen buis liep door de stop, terwijl het andere been naar de bodem van een volledig met water gevulde vaas daalde. Op het ogenblik dat de vaas aan de zon werd blootgesteld, veroorzaakte de lucht die zich in de bol uitzette een uitstoot van luchtbellen in het water van de vaas. Als men het toestel nadien in de schaduw plaatste, koelde de lucht in de bol af en steeg het water in de glazen buis van de met water gevulde vaas. Als men ze daarna opnieuw verwarmde, liep het water terug in de vaas. Uit het functioneren van dit apparaat concludeerde Philo van Byzantium:

"Vuur is zeer nauw verbonden met lucht en trekt het zelfs aan".

40

image004_16_png.jpg

Net als Philo van Byzantium wist ook de Griekse wetenschapper Heron van Alexandrië (10-70) dat bepaalde substanties, vooral lucht, kunnen uitzetten en samentrekken en hij beschreef een demonstratie waarbij een gesloten, gedeeltelijk met lucht gevulde buis aan haar open einde in water stak. Het uitzetten of samentrekken van de lucht veroorzaakte een beweging in de buis.

Aan deze thermoscopen werd bijzonder weinig aandacht geschonken, eeuwen lang nam geen enkele auteur de moeite om deze thermische fenomenen te observeren.

160

image005_16_png.jpg

De Grieks-Romeinse arts Claudius Galen (130–201) baseerde veel van zijn ziektebehandelingen op vier persoonlijke, essentiële verschillen: warmte, koude, vocht en droogte, zoals door Aristoteles en andere filosofen gepostuleerd. Galen kwantificeerde het concept van graden warmte en koude om de omvang aan te duiden waarmee deze kwantiteiten in het menselijk lichaam aanwezig waren en hij suggereerde een mengsel gelijke volumes van kokend water en ijs om de standaard van neutrale temperatuur vast te leggen. Volgens Galen waren de concepten warm en koud bij neutraal identiek. In die tijd werd de huidskleur van een persoon bepaald door de proportie waarin warmte, koude, vochtigheid en droogte getemperd werden, waaruit het woord temperament ontsproot. Galen bepaalde vanuit een neutraal middelpunt vier graden in beide richtingen. Dat neutrale punt was de mengeling van kokend water en ijs. Opvallend is wel dat de wetenschappers uit die tijd over een warmte- en koudeschaal beschikten, maar niet over precieze meetapparatuur.

1.000

image006_16_png.jpg

Abu Ali al-Husayn ibn Abd Allah ibn Sina (980-1037) of Avicina, was een Perzische arts, wetenschapper en filosoof. Als eerste toonde hij aan dat het bloed het hart binnenstroomt om vervolgens door heel het lichaam te worden gepompt. Hoewel de Grieken, joden en christenen het bloed als ziel van het lichaam bestempelden, postuleerde hij:

"Bloed is het vervoermiddel van voedings- en afvalstoffen."

Voor temperatuurmetingen gebruikte Ibn Sina tijdens zijn wetenschappelijke experimenten als eerste een luchtthermometer. Het door Philo en Hero beschreven mechanisme werd later gebruikt voor het aantonen van de warmte en de koude van lucht.

1558

image007_14_png.jpg

De Italiaanse arts Giambattista della Porta (1535-1615) beschreef in zijn twintig boeken tellend meesterwerk 'Magia Naturalis' een eenvoudige luchtthermoscoop. De thermoscoop is geen thermometer maar een voorganger ervan. Het verschil is dat een thermometer een schaal heeft en een thermoscoop niet.

image009_13_png.jpg

Thermoscoop

image010_13_png.jpg

In zijn boek 'I tre libri de spiritali' beschreef Giambattista della Porta (1535-1615) in 1606 een experiment om de uitzetting van lucht te meten in een distilleerkolf, wanneer deze verwarmd wordt. Op de glaskolf markeerde hij de hoogste en laagste waterstand. Maar eigenlijk verwijst niets naar een warmtemeting.

1575

Het meten van hitte werd een puzzel in de kring geleerde mensen uit Venetië waartoe ook de Italiaanse wetenschapper Galileo (1564-1642) behoorde. De eerste oplossing was een thermoscoop. Verder bouwend op de 'Pneumatica' van de Griekse wetenschapper Heron van Alexandrië (10-70) speelden verschillende auteurs met de idee van het uitzetten van lucht als de hitte verhoogde.

1578

image011_19_png.jpg

Bovenstaand beeld toont een schema uit het boek 'De logista medica' van Johannes Hasler (1548-1593) een arts, theoloog en filosoof uit het Zwitserse Bern. Hierin schreef hij:

"Hoe kunnen wij de natuurlijke warmte van een mens bepalen afhankelijk van zijn leeftijd, het seizoen, de breedtegraad en andere invloeden.”

In die tijd geloofde men nog dat de temperatuur van een bewoner uit de tropen hoger zou zijn dan die van een bewoner uit een hogere breedtegraad. Daarom voegde hij de bovenstaande tabel toe aan zijn publicatie. In de linker rij negen warmtegraden, daarnaast de overeenkomende vergelijkingsindeling van warmte en koude volgens Claudius Galen (130–201). In de derde en vierde rij een fijnere onderverdeling in drie van de graden van de  eerste en tweede rij, rechts daarvan staan de breedtegraden. Volgens Hasler kon men uit deze tabel de ‘normale huidtemperatuur’ van iedere mens uit de verschillende breedtegraden opsporen en de arts zou zijn geneeskunde daarop moeten afstellen. Het was dus een 'medische schaal'. Daarnaast bestond ook nog eens een 'filosofische schaal' met 8 graden van warmte en 8 graden van koude.

1592

image012_10_png.jpg

Galileo Galilei (1564-1642), een Italiaans natuurkundige, astronoom en wiskundige, ontwikkelde rond 1592 een thermoscoop, het eerste toestel dat kwalitatief de temperatuur kon meten. Later verbeterde hij zijn toestel naar wat nu gekend is als een Galilei-thermometer, een thermometer in de vorm van een gesloten glazen cilinder waarin zich een doorzichtige vloeistof en verschillende vaak gekleurde glasbelletjes bevonden. Bij een temperatuurverandering gingen de belletjes omhoog of omlaag. Elk gewichtje had een eigen karakteristieke temperatuur waarbij het in de vloeistof begon te zweven. Bij veranderende temperatuur wijzigde ook de dichtheid van de vloeistof, waardoor de glasbelletjes met hun eigen karakteristieke dichtheid omhoog of omlaag gestuwd worden. Dit gebeurde volgens de wet van Archimedes (287-212 v.C.), gezien voorwerpen met een lagere massadichtheid gaan zweven en die met een hogere zinken. Een glasbelletje bleef hangen op de plaats waar de dichtheid van de omgevende vloeistof gelijk was aan die van het glasbelletje. Bij het maken van deze thermometer werden de glasbelletjes met de grootste massadichtheid onderaan gelegd, zodat bij veranderende temperatuur telkens één glasbelletje de oversteek van de bodem naar het oppervlak (of omgekeerd) kon maken.

image013_13_png.jpg

Thermoscoop uit 1592

extad/peakflowmeter.be

Bereken Je BMI

Geef je lengte en gewicht:
cm
kg