Geschiedenis van de telegeneeskunde
1945 - 1959
1945
Professor Dr. Ephraim Michael Bluestone (1891-1979) van het Montefiore Medical Center in de Bronx, New York, werd geconfronteerd met een overbevolking van zijn afdeling en besloot om zijn patiënten thuis te volgen. Al vlug begreep hij het belang van deze homecare, waarbij vooral de thuisomgeving een grote rol speelde in de genezing van zijn patiënten. In 1950 kon hij de Raad van Beheer van het hospitaal overtuigen om een afdeling Sociale Geneeskunde op te richten, parallel aan de Afdeling Geneeskunde en de Afdeling Chirurgie.
1946
Professor Skevos Zervos (1875-1958), een pionier op het gebied van transplantaties in de School of Medicine van de University of Athens, ontwikkelde een systeem waarmee hij een patiënt van op afstand kon onderzoeken. Op die manier ausculteerde hij de patiënt en noteerde hij de hartslag, deze data konden wereldwijd verzonden worden. De “uitvinding" van Professor Zervos werd gepubliceerd in de annalen van de Athens Medical Society ( 1946-1956 ). Professor Zervos stelde voor om het systeem te gebruiken aan boord van Griekse schepen die tussen Piraeus en New York voeren. De kosten van de communicatie konden in die tijd echter niet opgehoest worden, reden waarom het systeem nooit werd gebruikt op deze schepen. In 1910 was Skevos de eerste chirurg die succesvol een testikel van een aap naar een man transplanteerde.
1948
In het Franse Toulouse startte le Centre de Consultation Médicale Maritime met het aanbieden van medische diensten aan schepen op zee, via Saint-Lys radio, dat in 1998 definitief zijn deuren sloot.
1949

De Amerikaanse wiskundigen Claude Shannon (1916-2001) en Robert Fano (1917-) ontwikkelden het eerste data compressie algoritme dat binaire codes toekende aan unieke symbolen, uitgedrukt in Boolean binaire algebra als 1 en 0.
1950
De term telemedicine werd bedacht.
1951
Professor Siguier, internist in l’hôpital Tenon van Paris, die op zijn dienst eveneens geconfronteerd werd met het probleem van overbevolking, verkoos eveneens om zijn patiënten thuis te verzorgen. De Hospitalisation à Domicile (HAD) werd later opgenomen in l’Assistance Publique.
1951
Tijdens de Wereldtentoonstelling van New York werd een eerste demonstratie gegeven van telegeneeskunde tussen twee verschillende staten van Amerika.
1953
Dr. Gershon Cohen (1899-1971) was de pionier van de telegnosis, de transmissie van RX-beelden via telefoon en later zelfs van de videognosis, waarbij gebruikt gemaakt werd van televisie. Cohen zond radiografieën van Philadelphia naar New York via televisie.
Enkele weken voor zijn dood toonde hij aan dat röntgenbeelden ook konden verzonden worden via de nieuwste Bell picturephone.
1956
Bell lanceerde de eerste picturephone
1957
Beïnvloed, maar vooral geïnspireerd door zijn goede vriend Dr. Hershon Cohen startte Dokter Albert J. Jutras (1900-1981) met teleradiologie in het Canadese Montreal.
1957
L’Assistance Publique de Paris richt een eerste gestructureerde Hospitalisation à Domicile (HAD)
op. De patiënten werden er gevolgd door hun huisarts, in tegenstelling
met de Verenigde Staten waar de hospitaalarts zich verplaatste om zijn
patiënt te bezoeken.
1958
Oprichting van de tweede gestructureerde Franse HAD in Puteaux, één van de gemeenten aan de overzijde van de Seine in Parijs. Het krijgt de naam "Santé Service" en was een initiatief van Professor Pierre Denoix (1912-1990), directeur van “l’Institut Gustave Roussy” van Villejuif.
1959

In het Nebraska Psychiatric Institute begon Dr. Cecil L. Wittson een programma van tele-educatie en tele-psychiatrie via een bi-directioneel gesloten televisiecircuit. Hoofddoel was consultaties te doen tussen huisartsen en specialisten.Op de fot kan men Dr. Reba Benschoter (1919-) en Dr. Cecil Wittson zien in een van de studio’s voor Telegeneeskunde van de University of Nebraska. .
1959
Het onderzoek en de ontwikkeling van telemetrie werd het begin van de
telegeneeskundige inspanningen van de USSR en de VS in hun ruimte race,
in de late jaren 1950. De wetenschappers van het National Aeronautics and Space Administration (NASA) in de Verenigde Staten, evenals die in de Sovjet-Unie, toonden met succes aan dat artsen op aarde de fysiologische functies van een astronaut konden monitoren.
Ze besloten om voortdurend de fysiologische functies astronauten te
monitoren, zoals bloeddruk, ademhaling en lichaamstemperatuur. NASA ontwikkelde
een medisch ondersteuningssysteem, dat de diagnose en de behandeling
van in-flight medische noodgevallen inhield, evenals een medisch
toedieningssysteem.
Een illustratief voorbeeld van een telegeneeskundige ingreep in de ruimte
