Geschiedenis van de Stethoscoop - Deel VII
William Stokes (1804-1878) was een Ierse arts, die Regius Professor Fysica was aan de “University of Dublin”, maar in 1823 voor een opleiding Geneeskunde koos in het “Meath Hospital” van Dublin. In 1825 schreef hij een beknopte verhandeling over het gebruik van de stethoscoop. Hij was een leerling van William Alison en nog tijdens zijn studies schreef hij, onder de indruk van de uitvinding van Laennec, een verhandeling van 269 pagina’s over het klinisch gebruik van de stethoscoop. Bovendien publiceerde hij twee belangrijke werken over cardiale en pulmonaire ziekten: “A Treatise on the Diagnosis and Treatment of Diseases of the Chest” (1837), en “The Diseases of the Heart and Aorta” (1854). Hij benadrukte het belang van klinisch onderzoek bij het vormen van een diagnose en het belang van het bedside onderwijzen aan studenten geneeskunde. Zowel de “Cheyne-Stokes breathing” (= het afwisselend optreden van apnee met tachypnee) als de “Stokes-Adams”ziekte werden naar hem genoemd. “Stokes' sign” is een ernstige gebons in het abdomen, rechts van de navel, bij acute enterits. “Stokes law” is dat een spier boven een geïnflammeerd membraan, dikwijls aangetast is door paralyse. In totaal zijn er 144 publicaties van Stokes bekend
William Stokes
Samen met Graves gaf hij van 1836 tot 1842 de “Dublin Journal of Medical Science” uit
Een korte (13cm) ebbenhouten stethoscoop met een smal ivoren oorstuk, waarschijnlijk gebruikt voor pediatrische en obstetrische auscultatie, circa 1840.
Een naar onder verdunde later model van de monaurale Laennec stethoscoop met plug. De verwijderbare plug werd gebruikt voor het beluisteren van de hart- en stemgeluiden. De ivoren oorplaat ontbreekt, circa 1840
Een interessante zijtak van het gebruik van auscultatie en percussie was de combinatie van de twee, de "Auscultatoire Percussie", die het eerst beschreven werd door Drs. Cammann and Clark in de “New York Journal of Medicine and Surgery” (Juli 1840). Dit gebruik werd ontwikkeld om de grootte en de densiteit van de organen te bepalen, in het bijzonder die van het hart en de lever. Het werd gedaan met een stevige stethoscoop die met één hand tegen de borst werd geplaatst. Met de andere hand streek de onderzoeker over de borstwand en luisterde hij naar de geluiden. Cammann and Clark ontdekten dat beenderen het beste conductiemiddel van het lichaam waren, met kraakbeen er net iets achter. Ze zegden dat spieren een goede geleider waren als ze gespannen waren, maar niet als ze slap waren en dat vet helemaal geen goede geleider was. Dit leidde hen ertoe de geluiden die zij hoorden te documenteren en te rangschikken in één van de vier mogelijkheden: "Type geluiden:" de OSSEOUS sound was de luidste en meest krachtige, de AQUEOUS was de minste. Tussenin was de CARDIAC, die scherp en klaar was en een gedempte ‘rinkel’ kwaliteit had, en de HEPATIC, die meer continu was en minder overvloedig werd overgebracht. De techniek werkte en werd volkomen aanvaard tot op zeker niveau.

De stethoscoop van Williams, circa 1845.
De plessimeter was niet alleen een eenvoudig plat stuk van één of ander materiaal. Hoewel de eerste kleine houtstukjes waren, werden ze vrij vlug gemaakt uit ivoor, glas, gutta-percha en hout. Ze werden geleverd in vele verschillende vormen en maten. Vele, zoniet alle plessimeters werden geleverd met smalle markeringen of gradaties. Die werden gebruikt om de arts te helpen bij het lokaliseren van de geluiden binnen de borst. De plessimeter werd tegen de borst geplaatst en geslagen met een percussor. De arts gebruikte de gradaties om te juiste locaties te noteren van het geluid, waarbij hij in staat was de densiteitsomvang rond de percussiezone te meten.

De ivoren plessimeter van Traube, gemarkeerd met een schaal en met zilveren hengsels die omhoog konden geklapt worden, waardoor de arts in staat was de plessimeter op zijn plaats kon, houden, circa 1850

Links een korte ebbenhouten stethoscoop 12cm) met een met een zilveren borststuk, waarschijnlijk voor pediatrische en obstetrische auscultatie, circa 1850. Rechts een zeer korte (9cm) stevige zilveren stethoscoop, waarschijnlijk voor pediatrisch en obstetrische auscultatie.

Links een prachtige stethoscoop gesneden uit één stuk ivoor, en rechts een ongebruikelijke ebbenhouten stethoscoop, circa 1850.
Interessante voorbeelden van een monaurale stethoscoop, met een small ovalen borsteinde dat bedoeld was om de borst te onderzoeken tussen de ribben om aldus de longen beter te kunnen ausculteren, circa 1850.
Dr. William Lennard houdt een ongebruikelijk lange monaurale stethoscoop in zijn rechterhand. Dit lange type stethoscoop was bedoeld om de arts op een afstand van de besmette patiënt te houden.
De vroege ontwikkeling van stethoscopen gebeurde in de ziekenzalen van de hospitalen, waar artsen het gebruik van de stethoscoop voor directe auscultatie konden aanleren. Vele patiënten waren in het hospitaal omwille van pulmonaire infecties, zoals pneumonie of tuberculose. Anderen waren arm met weinig voorafgaande medische aandacht en hadden daarom een vergevorderde ziekte, dikwijls bestaande uit een waaier van infectieziekten. Hoewel de Laennec stethoscoop 30cm lang was, waren de meeste stethoscopen, na de introductie van de Piorry stethoscoop, zo’n 18cm lang. Vanaf nu werden ongewoon lange stethoscopen gezien in de handen van de artsen die in hospitalen werkten. Deze stethoscopen werden bekend onder de naam "ward" of "pauper's" stethoscopen.

Een zeer lange (38cm) pauper stethoscoop, circa 1850.

Een ongewone houten stethoscoop met een groot klok oorstuk, circa 1850
In het begin van de jaren 1850 was er een sterke stroming voor het vervaardigen van een nieuwe stethoscoop die in beide oren kon gebruikt worden. Deze nieuwe binaurale stethoscoop werd als de toekomst van de auscultatie beschouwd, een idee dat al in 1829 geïntroduceerd werd door Nicholas Commins, die het toestel beschreef als een “kromme buis” met verschillende scharnieren, maar er zijn alleen tekeningen van dit toestel.
De stethoscoop van Leared
In 1851, tijdens de Grote Tentoonstelling in Londen, stelde de Ierse arts Arthur Leared (1828-1879) een binaurale stethoscoop voor, een "dubbele" stethoscoop gemaakt van gutta-percha. Het eerste gecommercialiseerde model was dat van Nathan Marsh uit Cincinnati in datzelfde jaar. Zijn model was gemaakt van rubber en bevatte het eerst genoteerde diafragma borststuk. Nochtans was hij log en zwaar en verdween hij vlug. Het diafragma zou de volgende 50 jaar niet meer opduiken
George P. Cammann
Iin 1852 perfectioneerde Dokter George P. Cammann uit New York de design van het toestel door er een klok aan toe te voegen, wat sindsdien standaard werd. Het toestel was 30cm lang en bestond uit twee buigzame buizen die vanuit een ebbenhouten borststuk naar twee zijstukken (binauraal) uit Berlijns zilver leidden die overkapt waren met ivoren oordopjes. Een gelaste bar en een elastische band verbonden de buizen en zorgden voor het behoud van een nauwsluitend pasvorm met de oren. Het toestel was buigbaar, flexibel en makkelijk om mee te nemen. Cammann schreef eveneens een grote verhandeling over de diagnose via auscultatie, die de verfijnde stethoscoop mogelijk maakte. Dr. George Cammann werkte als arts in de “Northern Dispensary” in New York City en had het model van Marsh gezien. Hij had eveneens een model van H. Landouzy uit 1841, een meertubige stethoscoop van zacht metaal, die ontworpen was om met twee personen gelijktijdig te kunnen luisteren. Charles J. B. Williams claimde dat hij de eerste binaurale stethoscoop met buizen ontwikkelde in 1843. Cammann claimde geen origineel idee voor een binaurale stethoscoop, alleen dat hij een praktisch instrument had ontwikkeld dat in de klinische praktijk kon gebruikt worden. Cammann kreeg wat hulp bij de ontwikkeling van zijn stethoscoop en, heel interessant, patenteerde hij zijn stethoscoop nooit, omdat hij geloofde dat hij vrij beschikbaar moest zijn voor artsen. De stethoscoop werd door George Tiemann, de fabrikant van het originele toestel, de Cammann stethoscoop genoemd. Cammann's model was gemaakt met ivoren oorstukken die aan een metalen buis geconnecteerd waren, die werden samengehouden door een eenvoudige scharnierverbinding en de druk werd uitgeoefend via een elastische band. Hieraan waren twee buizen vastgemaakt bedekt met wondzijde. Die kwamen samen in een holle bal, ontwikkeld om het geluid te versterken en aan die bal was een conisch gevormd klokborststuk gekoppeld.
Een originele Cammann stethoscoop, circa 1852
