Sponsor

rdsm

Geschiedenis van de Spirometrie - Deel I

Claudius Galen
Claudius Galen (129 - 216)

Borelli
Giovanni Borelli (1608 - 1679)

129-200 vC

De oudste gekende geschiedenis van het spirometrie concept voert ons naar de tijd van het Romeinse Rijk. Tussen 129 en 200 voor Christus voerde de Griekse arts en filosoof Claudius Galen een volumetrisch experiment uit op de menselijke ventilatie. Hij liet een jongen in- en uitademen in een blaas en ontdekte dat het gasvolume na een bepaalde tijdsperiode niet veranderd was.

Galen’s meest duurzame techniek was het nemen van de pols, wat nu nog altijd wordt toegepast.

1681

Na het volumetrisch experiment van Galen is er niet veel gekend over longfunctietesten tot in de late jaren 1600. Rond 1681 slaagde Giovanni Alfonso Borelli, een Italiaans wiskundige en “iatrophysist”, erin om het ingeademde luchtvolume te meten door een vloeistof op te zuigen in een cilindrische glazen buis en daarvan het volume te meten. Door het drukverschil binnen de buis waren de metingen aanzienlijk ondergewaardeerd, hij berekende een tidaal volume van 246 ml en het expiratoire reservevolume van 328 ml.

Eén van de dingen die hij deed wordt momenteel nog steeds gebruikt: hij blokkeerde de neusgaten. Als men wil meten hoeveel lucht in en uit de mond komt is het afsluiten van de neusgaten zeer belangrijk: hierdoor ontsnapt er geen lucht door de neus en bekomt men de juiste resultaten.


Deel 2 >>