Diagnose van Chronische Hoest
Indien een hoest langdurig aanhoudt bezoekt men best een huisarts. De huisarts kan mogelijk doorverwijzen naar een pneumoloog of longspecialist.
Als voorbereiding op een bezoek aan de arts kan men al een lijstje samenstellen en neerschrijven:
- Gedetailleerde beschrijving van de symptomen
- Informatie over de medische problemen
- Informatie over medische problemen van de ouders , broers en zusters
- Alle genomen medicatie en voedingssupplementen
- Te stellen vragen aan de arts
Een diepgaand onderzoek naar voorgeschiedenis en lichamelijke toestand kan relevante informatie opleveren over chronische hoest. De arts kan enkele van de volgende vragen stellen:
- Rookgedrag?
- Het nemen van bloeddrukmedicatie.
- Wanneer treedt de hoest op? Na de maaltijden? ‘s Nachts?
- Is er iets dat de hoest verlicht?
- Is er meer ademnood bij inspanning? Of bij blootstelling aan koude lucht?
Omdat de top drie oorzaken van chronische hoest — postnasaal druipen, astma en maagzuurreflux — zo veel voorkomen, kunnen de artsen de onderliggende problemen beter omschrijven via de respons op de behandleing, eerder dan door testen. Indien de hoest verdwijnt met de behandeling van een bepaald probleem, wordt de diagnose bevestigd. De behandelingen houden in:
- Antihistaminica en ontzwellers voor postnasaal druipen
- Inhalers of nasale sprays voor astma
- Zuurveminderende medicatie voor maagzuurreflux
Indien deze aanpak faalt, of indien men gefrustreerd wordt door het ‘trial-and-error proces’, kunnen één van de volgende testen noodzakelijk zijn.
Beeldtesten
-
Borst-RX
Hoewel een routine borst RX niet de meest voorkomende redenen van hoest zal onthullen, zoals postnasaal druipen of maagzuurreflux of astma, kan het gebruikt worden als controle voor longkanker en andere longziekten. -
Computerized tomography (CT scan)
Een CT scan neemt RX vanuit vele verschillende hoeken en combineert ze dan voor het vormen van ‘cross-sectionale’ beelden. Deze techniek kan meer gedetailleerde beelden opleveren over de longen. CT scans kunnen eveneens gebruikt worden voor het controleren van de sinusruimten op infectiehaarden.
Longfunctie testen
Deze eenvoudige, niet-invasieve testen meten hoeveel lucht de longen inhouden en hoe vlug men in- en uitademen kan. Soms word took een astma challenge test gedaan, die nagaat hoe goed men kan ademen voor en na het inhaleren van het medicament metacholine.
Scopie testen
Bij deze testen wordt een dunne, flexibele buis gebruikt die uitgerust is met een lichtbron en een camera om de strukturen binnen het lichaam te bekijken. De procedure wordt steeds voorafgegaan met het bestuiven met een verdovend product van neus en keel, zoals bijvoorbeeld lidocaïne. Er kunnen ook sedativa of pijnstillers gegeven worden om de procedure minder oncomfortabel te maken.
-
Nasale endoscopie.
Bij deze test wordt een kleine glasvezel scoop in de neusholten gebracht om een betere beoordeling te krijgen van de status van het neusslijmvlies en de openingen van de sinussen. Gewoonlijk wordt eerste een CT scan van de sinus gemaakt. -
Bovenste endoscopie.
Bij deze test gaat de scoop via de keel in de slokdarm om na te gaan of er geen tekenen van maagzuurreflux zijn in de maag en de slokdarm. -
Bronchoscopie.
Bij deze test gaat de scoop de luchtpijp in om te controleren of er geen tekenen van infectie of obstructie zijn in de bronchiale buizen.
