Sponsor

rdsm

Geschiedenis Cardiologisch Onderzoek: 1725-1749

1729

image012_png.jpg 

De Engelse wetenschapper Stephen Gray (1666-1736), maakte een onderscheid tussen 'conductors' (= geleiders) en 'insulators' (= isolators) van elektriciteit. Hij toonde de transfer aan van een statische elektrische lading doorheen een 150 meter natte hennepvezel naar een kurken bal. Later vond hij dat de transfer over een grotere afstand kon bereikt worden als met een koperdraad gebruikte.

1733

image013_png.jpg
 
Eens de circulaire beweging van het bloed in een gesloten systeem begrepen werd, betoonden onderzoekers interesse om de omvang ervan te bestuderen. De pols werd aan de hartslag gekoppeld, het totale bloedvolume kon door observatie bepaald worden. Het meten van de bloeddruk was ingewikkelder. De eerst genoteerde meting gebeurde niet door een arts, maar door een priester, Stephen Hales (1677-1761), die in wetenschap en fysiologie geïnteresseerd was. In 1733 stak hij een lange, holle, koperen buis in de nek arterie van een paard. Hij was verbaasd dat het bloed in de buis steeg tot een hoogte van negen voet! Deze ruwe drukmeting werd later meer bruikbaar door de bloeddruk in een kwikkolom te verplaatsen.

image014_png.jpg
 
Het experiment van Hales

Kwik is ongeveer 13.6 keer zwaarder dan bloed of water. Zelfs moderne bloeddrukmeters, sphygmomanometers die een luchtdruksysteem gebruiken (aneroïde manometers) noteren de bloeddruk nog steeds in 'millimeters kwik'. Dit refereert naar de hoogte van de kwikkolom die door de druk in evenwicht kon gehouden worden. 'Millimeters kwik' wordt dikwijls afgekort tot mmHg., gezien 'Hg' het chemisch symbool is voor kwik. De negen voet kolom bloed die Stephen Hales observeerde is het equivalent van  2,7432 millimeters. Gezien kwik 13.6 keer zwaarder is dan bloed of water, was de bloeddruk van het paard in moderne terminologie rond de 202 mmHg. Op dat ogenblik was de techniek invasief en hoogst ongeschikt voor klinisch gebruik. Deze chirurgische procedure was immers gevaarlijk voor de patiënt, gezien het risico van besmetting en ernstig bloedverlies. Zelfs vandaag nog worden invasieve catherisatie procedures om enkel de bloeddruk te meten zelden gebruik. Niet-invasieve (dwz niet-chirurgische) methoden bieden een hogere graad van betrouwbaarheid voor de veiligheid, het comfort en het welbehagen van de patiënt. Nadien bepaalde Hales de capaciteit van de linker ventrikel met gebruik van wassen afgietsels en na heel wat experimenten en metingen bij paarden, ossen, schapen, damherten en honden berekende hij dat de kracht van de linker ventrikel bij mensen ongeveer gelijk is aan die van een kolom bloed van 22 meter hoog met een gewicht van 190 kg, met andere woorden dat de druk die de linker ventrikel moet overwinnen gelijk is aan de druk van dat gewicht. Wanneer we de enorme schatting van Borelli (67.140 kg) vergelijken met de onderschatting van Keill (496 gram), en als we weten dat de schatting van Hales dicht bij de waarheid was, kunnen we alleen maar vaststellen dat de diensten geleverd aan de wetenschappen door zorgvuldige en nauwkeurige experimenten heel wat hoger liggen dan die gebaseerd op speculaties, hoe ingenieus deze ook mogen zijn.

1734

Georg Matthias Bose (1710-1761) begon zijn elektrische experimenten in 1734, en in 1737 startte hij met het gebruik van de draaiende glazen globe volgens het ontwerp van Hauksbee. In 1743 gebruikte hij een tinnen telescoopbuis om zijn elektriciteit op te slaan, waarmee hij de 'prime conductor' uitvond van de meeste latere elektrostatische generators. De belangrijkste verbetering die Bose doorvoerde op Hauksbee's machine was het toevoegen van een 'verzamelgeleider', een lang metalen lichaam geplaatst nabij de draaiende bol en geïsoleerd van de aarde. Wanneer de door de elektriseermachine opgeladen geleider door een persoon werd aangeraakt, sprong er een vonk over.

image015_png.jpg 

Bose voerde publieke experimenten uit met zijn elektrostatische machines. Eén van die experimenten was eigenlijk een grap. Een charmante jonge dame bood een welkomstkus aan aan één van de mensen uit het publiek, waarbij ze op het elektrische geïsoleerde platform stond en haar lichaam met een verborgen geladen elektrostatische generator verbonden was. De kus ging gepaard met een elektrische vonk. De schok was soms bijzonder hevig. Bose beschreef dit 'leuke' experiment zeer indrukwekkend in zijn gedicht aan barones Brühl.

1734

Datzelfde jaar voegde Johann Heinrich Winkler (1703-1770) een wrijvingskussen toe aan de draaiende globe. Dit vervolledigde de uitvinding van de 'frictionele elektrostatische generator'. Latere ontwikkelingen verbeterden de vorm en de configuratie, maar hadden geen toegevoegde waarde voor de materie.

image016_png.jpg

De 'Bierglas-Elektrisiermaschine' van Johann Heinrich Winkler

1740
image017_png.jpg

Johann Friedrich Crell (1707-1747) beschreef een arterie die zo hard was als been en als men erop kneep kwam er een wormvormige substantie uit die men ook in een atheroma vond.

1741

image018_png.jpg

Francisco Solano de Luque (1684-1738), lijfarts van de Spaanse koninklijke familie, had de bijnaam 'El Pulsista'. Hij ontdekte drie soorten pols: de dubbele polsslag, die hij als voorspeller zag van neus bloeden, de intermittente die aan diarree zou voorafgaan en de incidentiële of periodische onregelmatige, die gevolgd zou worden door overmatig zweten. Hij beklemtoonde het belang van observatie en de negatieve effecten van niet gespecialiseerde behandelingen en bloedingen. James Nihell (1705-1759), een Ierse arts met praktijk in het Spaanse Cadiz, bracht twee maanden door met Solano de Luque en was zo onder de indruk dat hij datzelfde jaar alles in het Engels vertaalde onder de titel 'New and extraordinary observations concerning the prediction of various crises by the pulse'.

1741

'De Pulsibus et Urinis fasciculus indicatoriu', een publicatie van Coenraad Zumbach de Koesvelt (1697-1780) gaf een lange lijst van ziekten met beschrijving van de pols voor iedere ziekte en met opsomming van de urinaire bevindingen.

1745

 image002_1.gif

De Nederlandse fysicus Pieter van Musschenbroek (1692-1761) ontdekte dat een deels gevulde kruik met een met kurk beveiligde nagel in zijn hals een elektrische lading kon opslaan. Dez kruik wordt de 'Leydsche fles' genoemd naar de plaats van ontdekking.

image020_png.jpg image021_png.jpg
  
De Leidse fles

1745

image022_png.jpg

Onafhankelijk daarvan ontdekte Ewald Georg von Kliest (1700-1748) in Pommeren op 11 oktober 1745 hetzelfde toestel
 

image023_png.jpg

Het toestel van Ewald Georg von Kliest

1746

image024_png.jpg

Door het gebruik van de 'Leydsche fles' in 1746, zond de Franse fysicus Jean-Antoine Nollet (1700-1777), privé leraar van de Franse koninklijke familie, een elektrische stroom door 180 'Royal Guards' tijdens een demonstratie voor koning Louis XV. In 1748 vond Nollet de eerste elektrometer uit, de elektroskoop, die de aanwezigheid van elektrische lading laat zien als gevolg van elektrostatische aantrekking en afstoting.

image025_png.jpg

De elektroskoop

1747

C.N. Le Cat (1700-1768) , chirurg in l’Hotel Dieu van Rouen,  beschreef openingen in het interatriaal septum bij zeven van twintig vrouwelijke lijken. Eigenaardig genoeg vond hij niet één letsel bij mannelijke lijken.

1749

image026_png.jpg
 
Jean-Baptiste de Sénac (1693-1770) was een Frans arts die Geneeskunde studeerde aan de Universiteiten van Leiden en Londen. Hij begon zijn praktijk in Parijs en was er van 1752 tot aan zijn dood lijfarts van koning Lodewijk XV. Sénac deed belangrijke studies over het hart in een periode dat de Cardiale Geneeskunde nog zeer rudimentair was. In 1749 publiceerde hij zijn invloedrijk boek 'Traité de la structure du coeur, de son action, et de ses maladies', waarin hij systematisch de fysiologie, de anatomie en de pathologie van het hart beschreef. De meeste van zijn ontdekkingen deed hij tijdens autopsieën. Zo was hij de eerste die het verband beschreef tussen 'atriale fibrillatie' en 'mitraalklep ziekte', en was hij ook de eerste om een verstaanbare beschrijving te geven van 'cardiale hypertrofie'. Hij verrichtte  onderzoek over quinine en rabarber voor de behandeling van cardiale onregelmatigheden. Hij noteerde de toenemende incidentie van hartziekten bij het ouder worden en bestudeerde zeer eigenaardig de hoeveelheid epi-cardiaal vet in verschillende leeftijdsgroepen. Hij beschouwde astma, orthopnoea, haemoptysis, oedeem en vooral palpitaties als belangrijke kenmerken van hartziekten


<< 1700-17241750-1799 >>